Spring naar de content
Ga naar de homepage Veilig vrijen icoon homepage  |   zoeken  |   woordenlijst  |   adressen en links  |   Meer vragen over seksualiteit? Ga naar www.seksualiteit.nl  |  
veilig vrijen

Voorbehoedmiddelen

Er zijn tegenwoordig veel middelen om zwangerschap te voorkomen. Hieronder vindt u ze op een rij. Zie ook www.zoenenenzo.nl waar ze uitgebreid beschreven worden.

Pil
Er bestaan veel soorten pillen. Meest gebruikt zijn de éénfase combinatie-pillen. Dat wil zeggen dat de pillen elk een zelfde combinatie oestrogenen en progestagenen bevat. De pillen zitten in een strip voor 3 weken.
Meer informatie over diverse soorten pillen, bijwerkingen, voor- en nadelen, zie ook de folder 'Anticonceptiemiddelen' van de Rutgers Nisso Groep, www.rng.nl)

Spiraal
Het spiraaltje wordt door een arts ingebracht in de baarmoeder. Er zijn koperspiraaltjes en hormoonspiraaltjes. De hormoonspiraaltjes hebben als voordeel dat de menstruatie minder pijnlijk en heftig is. Nadeel is dat er in het begin na de plaatsing onregelmatig bloedverlies kan optreden.

De prikpil
Dit is een injectie met een progestageen, die in de bovenbil gegeven wordt. De prikpil moet om de 10 à 12 weken herhaald worden.

Pil-ring
De pilring is een ring met de combinatie van de hormonen oestrogeen en progestageen, die in de vagina wordt ingebracht. Deze ring blijft 3 weken zitten, na verwijdering ontstaat een onttrekkingsbloeding, net als bij het gebruik van de pil.

Pil-pleister
Dit is een pleister met een combinatie van oestrogeen en progestageen die op de bovenarm of boven de bil geplakt kan worden en daar 1 week blijft zitten. Men gebruikt 3 pleisters voor een cyclus. Na de 3 pleisters kan men een stopweek invoeren.

Implanon
Dit is een staafje met progestageen dat in de bovenarm wordt ingebracht. Het staafje kan daar 3 jaar blijven zitten.

Condoom
Er zijn mannen- en vrouwencondomen. Condooms zijn het enige anticonceptiemiddel dat zonder recept verkrijgbaar is. Het is ook het enige anticonceptiemiddel dat bescherming biedt tegen soa.

Als uw kind niet in staat is zelf aan anticonceptie te komen, zorg dan dat u ze in huis haalt. Dit kan betekenen dat u met uw dochter meemoet naar de huisarts of gynaecoloog. Houd rekening met de handicap of chronische ziekte van uw kind bij het kiezen van een anticonceptiemiddel. Door een beperkte handfunctie kan het lastig zijn zelf de pil uit de strip te drukken. Ook kunnen bepaalde ziektes of slikproblemen redenen zijn niet te kiezen voor de pil. Overleg met uw huisarts of de gynaecoloog welk anticonceptiemiddel het meest geschikt is.
Zorg dat u de anticonceptie op tijd regelt voor uw kind. Begin er niet pas aan als uw kind een relatie is begonnen. Het kan dan al te laat zijn.


Naar boven




Het spiraaltje